Laborante Ineke

Roadies-Laborant
Ineke
  • Steriele cellenkweekster
  • Moederkloek voor stagiairs
  • Vrolijk kuddebeest

Mijn medicijn, dat  mag Ineke maken. Ineke Fonteyn (36) werkt bij Janssen Farmaceutica als laborante. Ze voert onderzoek naar nieuwe medicijnen. Ineke neemt mij mee in haar labo en leert me de geheimen van het onderzoek naar Alzheimer. En ja, mijn mond valt open.  Ook al werkt Ineke niet als zelfstandige, toch is ze thuis vaak bezig met research naar de ziekte waar ze aan werkt. Iedere proef zal perfect steriel uitgevoerd worden. Iedere cel wordt met liefde behandeld. Amai.

Waarom heb je voor deze job gekozen?

Ineke: “In het middelbaar studeerde ik Wetenschappen Wiskunde. Biologie, chemie en fysica waren mijn vakken, ik deed die echt graag. Experimenteren in het labo, was voor mij hetzelfde als spelen op de speelplaats. Eigenlijk wou ik leraar worden, maar dat was helemaal geen toegepaste wetenschap. Ik startte de opleiding bio-ingenieur. Dat was te hard zwoegen. In de richting Bio Medische wetenschappen wist ik dat ik kon uitblinken. Dat was wat ik wou doen en ik vind dat hier ook helemaal terug.”

Wat betekent een goede collega voor jou?

Roadies-LaborantIneke: “Een goede collega wil experimenteren, bijleren, onderzoeken en bespreken. En is iemand die deze job echt graag doet.  Zo kan je heel makkelijk samenwerken en dat is hier soms wel nodig. Ah juist, hij of zij moet ook graag verslagen schrijven, want dat haat ik. (lacht)”

Wat is je favoriete moment van de werkdag?

Ineke: “‘t Is leuk als een proef lukt, maar het is nog leuker als  het mislukt. Dan pas begint het feest der experimenten. Je moet naar oplossingen zoeken, dat breekt de routine. En als het dan lukt…dat moment is het favoriete moment van mijn werkdag. Maar stiekem is de koffiepauze om 10u ook een favoriet. (lacht)”

Welke kwaliteiten heb je nodig om een goede laborant te zijn?

Ineke: “Een goede laborant moet vooral lui zijn. Vreemd? Nee, zo ga je efficiënt werken. Je moet er voor zorgen dat alles klaar ligt als je aan je proef begint, dan moet je niet heel de tijd rondlopen en kan je zittend experimenteren. Je moet ook echt Roadies-Laborantnieuwsgierig zijn. Je wil het weten als je proef gaat lukken.

Je oefent ook best je Engels. Alle verslagen schrijf je in het Engels en je werkt vaak met mensen uit het buitenland samen. Als ik aan mijn computer zit kan ik nu zelfs niet meer in het Nederlands denken. “

-Brecht-